31.5.15

Jacob Israël de Haan. Pijpelijntjes. DBNL (1904).

Sam en Joop wonen samen in een studentenkamer, en liggen af en toe bij elkaar in bed. Pijpelijntjes is de eerste Nederlandse roman – of in ieder geval de eerste bovengrondse Nederlandse roman – over een homoseksuele relatie, maar je kunt niet zeggen dat de lichamelijke erotiek ervan afspat.

Dat komt niet door preutsheid: wel wordt duidelijk dat Joop af en toe een jongen van straat oppikt en hoewel er geen expliciete seksscènes in het boek staan, wordt er niet erg geheimzinnig gedaan over wat er met die jongens vervolgens gebeurt. Maar tussen Sam en Joop is er iets anders.

Is dat liefde? Vooral Sam blijft eigenlijk ook wel weer wat afstandelijk, gaat af en toe een tijdje weg, en maakt er nooit een geheim van dat hij ooit met een vrouw zal trouwen – wat uiteindelijk ook lijkt plaats te gaan vinden.

De sfeer tussen de twee mannen is vooral landerig. Ze hangen heel wat af op hun canapés. Ze nemen af en toe een buurvrouw een beetje in de maling. Ze eten vis. Ze zitten heel veel binnen, en als ze naar buiten gaan regent het meestal. Pijpelijntjes speelt zich vooral af in kamertjes in de Amsterdamse wijk De Pijp. Homoseksualiteit is er helemaal niet zo raar, zoals ook prostitutie dat niet is, of een man die in de gevangenis zit, of een kind van een buurvrouw die in je gezin is opgenomen. Ook dat Joop en Sam vermoedelijk joods zijn, speelt nauwelijks een rol: De Pijp is een plaats waar de burgerlijke moraal van een eeuw geleden nauwelijks vat op heeft.

En met name Sam doet dingen die nog steeds enigszins schokkend zijn, ook voor onze moraal: dieren kwellen bijvoorbeeld, liefst tot de dood erop volgt. Waarom hij dat doet, wordt in zijn geheel niet verklaard, want dat is het fascinerende van Pijpelijntjes, wat het anders maakt dan veel andere Hollandse binnenkamerromans ervoor of erna: dat er eigenlijk niets wordt verklaard of geduid: de mensen zijn zoals ze zijn, zoals ze elkaar ook eigenlijk allemaal accepteren zoals ze zijn, in De Pijp.

Geen opmerkingen: