25.1.15

Jonas Jonasson. De honderdjarige man die uit het raam klom en verdween. Amsterdam: Signatuur, 2011.

Het is een interessant fenomeen: er is een type boek dat over een lokaal iemand gaat die heel eigenzinnig en excentriek is en die op een licht surrealistische manier de hele wereld verandert. Salman Rushdie schreef ze over India, Gabriel Garcia Marquez over Colombia en sindsdien zijn er veel bestsellers volgens het stramien geschreven.

Jonas Jonasson schreef er een over een Zweedse man, wiens leven ongeveer samenviel met de twintigste eeuw en die min of meer bij toeval bij allerlei gebeurtenissen in die eeuw aanwezig was – zodat hij bijvoorbeeld per ongeluk de atoombom uitvond – en die aan het eind van zijn leven nog in een paar dagen een enorm tumult veroorzaakt door te ontsnappen uit het bejaardenhuis, een koffer met miljoenen kronen te stelen, de boeven van wie die kronen zijn te vermoorden, enzovoort.

Het werd een groot succes, dit boek, en dat is natuurlijk ook wel verklaarbaar. Het is het soort lichte kost waarvan de lezer ook nog eens het gevoel kan overhouden dat hij iets heeft opgestoken – of althans dat hij enkele van de belangrijke gebeurtenissen uit de vorige eeuw op zijn rijtje heeft gezien.

Ik houd meestal niet van dit soort boeken. Het demonstratief-excentrieke staat me vaak een beetje tegen, en ik heb al snel het gevoel dat ik mijn tijd wel aan iets anders kan besteden – ik kan om de een of andere reden juist niet zo gemakkelijk in zo'n alledaags magisch realisme verdwijnen.

Bij dit boek was het wel een beetje anders, en dat komt vooral doordat ik het niet gelezen heb met mijn ogen, maar ernaar geluisterd heb. De Luisterbieb-app biedt het gratis aan, voorgelezen door Jan Donkers, en dan is het goede lectuur voor tijdens het wandelen of rennen: niet te ingewikkeld, je kunt af en toe best een stukje missen om het dan later weer op te pikken omdat de grote lijnen vanaf het begin min of meer duidelijk zijn. En je steekt er nog wat van op.

Geen opmerkingen: